Geschiedenis van Paleis Lange Voorhout Den Haag: Van paleis naar museum
Een plek waar geschiedenis en kunst samenkomen, midden in het chique Benoordenhout? Dat is Paleis Lange Voorhout.
Als je Den Haag een beetje kent, weet je dat dit gebouw eruit springt.
Het is niet zo massaal als het Binnenhof, maar minstens zo indrukwekkend. Je fietst er zo voorbij, maar weet je eigenlijk wat er allemaal achter die muren gebeurd is? Van koninklijke pracht naar een museum vol moderne kunst. Het verhaal van Paleis Lange Voorhout is het verhaal van Den Haag zelf: een beetje chique, een beetje ingewikkeld, maar voergastvrij.
Wat is Paleis Lange Voorhout eigenlijk?
Stel je even een smalle, groene laan voor. Aan beide kanten staan statige huizen en enorme bomen.
In het midden van die laan, de Lange Voorhout, staat Paleis Lange Voorhout. Het is een stadspaleis. Dat betekent niet dat het zo groot is als het koninklijk paleis in Amsterdam, maar het heeft wel die uitstraling.
Het gebouw is rozebruin, heeft witte vensterbanken en een prachtig dak vol sculpturen.
Het is nu onderdeel van museum Escher in het Paleis. Officieel is het een rijksmonument. Dat betekent dat het beschermd is. Je mag het niet zomaar veranderen.
Het pand staat op een plek waar vroeger de stadsmuur liep. Je kunt je voorstellen dat dit vroeger een heel strategische plek was.
Nu is het vooral een hele dure straat om te wonen. Als je met de auto komt, zie je meteen dat parkeren hier een uitdaging is. Je kunt niet zomaar even langs de kant zetten.
Je moet echt zoeken naar een plekje in de straten eromheen, zoals de Van Wassenaerstraat.
De naam is trouwens best logisch. "Lange Voorhout" betekent gewoon een lange laan met voorhout (dat is een soort eikenbos). Het paleis kreeg die naam omdat het pal aan die laan staat.
Het is nu een museum, maar vroeger was het dus echt een huis voor rijke en belangrijke mensen. Het is een plek waar je makkelijk voorbijloopt, maar als je eenmaal binnen bent, sta je versteld van de grootte.
De geschiedenis: Van wachthuis naar paleis
Het begon allemaal in de 17e eeuw. In 1640 liet de stad Den Haag hier een wachthuis bouwen.
Het moest de poort bewaken van de stadsmuur. Dat klinkt nu een beetje raar, maar toen was Den Haag ommuurd.
De eerste versie was simpel. Maar zoals dat gaat in Den Haag, wilden rijke burgers iets moois zien. Al snel werden er huizen naast gebouwd.
In 1730 kocht de stad het pand en gaf het een flinke opknapbeurt. Het werd een paleis voor de stadhouder. Dat was de man die de koning verving als hij er niet was. De bekendste stadhouder was Willem V.
Hij woonde er met zijn vrouw, Prinses Wilhelmina. Zij was dol op kunst.
In die tijd was het paleis het middelpunt van het Haagse sociale leven. Er werden diners gegeven, feesten gehouden en belangrijke beslissingen genomen.
In de 19e eeuw veranderde er veel. De stadhouder werd vervangen door de koning. Koning Lodewijk Napoleon (de broer van Napoleon) sliep er weleens.
Later, onder koning Willem I, werd het paleis gebruikt als logement voor belangrijke gasten.
Het was dus niet meer het vaste huis van de koning, maar wel een heel speciaal gebouw. Het interieur kreeg steeds meer allure. Denk aan marmeren vloeren en gouden lijsten.
Het gebouw heeft ook een donkere kant gekend. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het gebruikt door de Duitse bezetter.
Dat was een heftige tijd voor Den Haag. Na de oorlog is het gebouw flink opgeknapt.
Het werd weer een plek voor de koninklijke familie. Prinses Margriet heeft er bijvoorbeeld gewoond. Het paleis bleef een beetje een schakel tussen het Binnenhof en de rest van de stad.
Naar het museum: Escher en meer
Op een gegeven moment was het paleis te groot voor de koninklijke familie. Ze hadden minder personeel nodig en het onderhoud was duur.
Toen kwam het idee: maak er een museum van. Maar welk museum paste erbij?
Den Haag had al het Mauritshuis en het Gemeentemuseum. Het moest iets unieks zijn voor de geschiedenis van dit koninklijk paleis. De keuze viel op M.C. Escher.
Maurits Cornelis Escher is de beroemde grafisch kunstenaar. Hij maakte die rare, onmogelijke trappen en wisselende vogels. Zijn werk past perfect bij een paleis vol optische illusies. In 2002 opende Koningin Beatrix het museum.
Dat was een groot feest in Den Haag. Sindsdien is het een van de leukste dingen om te doen in de stad.
Wat veel mensen niet weten, is dat het niet alleen over Escher gaat. Het gebouw zelf is ook een museum.
Je ziet nog steeds de oude stijlkamers. Dat zijn kamers die ingericht zijn in de stijl van vroeger. Zo is er de Chinese Kamer.
Die is helemaal bedekt met Chinees behang. Ook de Spiegelkamer is beroemd.
Die zit vol met spiegels en geeft een gek effect. Het is alsof je in een doolhof stapt, net als de tekeningen van Escher. De collectie Escher is enorm.
Er hangen meer dan 120 werken. Je ziet zijn bekendste prenten, maar ook zijn vroege werk.
Het museum organiseert vaak wisselende tentoonstellingen. Die gaan soms over andere kunstenaars of over wiskunde.
Want Escher was eigenlijk een wiskundige in hart en nieren. Het is dus zowel een kunst- als een wetenschapsmuseum. Als je klaar bent met kijken, kun je even bijkomen in de tuin.
Die is openbaar en gratis toegankelijk. Het is een stukje rust midden in de drukte van de stad. Je kunt er lekker zitten en de auto's horen die proberen te parkeren. Een typisch Den Haag plaatje.
Parkeren en praktische info in Den Haag
Oké, laten we even praktisch worden. Je wilt natuurlijk weten hoe je er komt en waar je je auto kwijt kunt.
Den Haag is een drukke stad, vooral rondom het centrum en de Scheveningseweg. Parkeren is niet gratis als je Paleis Lange Voorhout in Den Haag wilt bezoeken. Het is zelfs best duur.
Als je met de auto komt, kun je het beste gebruik maken van de betaalde parkeerplaatsen in de straat.
De Lange Voorhout zelf heeft weinig plekken. Meestal staan ze vol. De tarieven liggen rond de €4,00 per uur. Dat kan flink oplopen als je een dagje blijft.
Een heel dagkaartje (van 24 uur) kost vaak rond de €20,00 tot €25,00. Dat hangt af van de zone.
Een beter alternatief is de garage van het museum zelf. Die zit eronder. Helaas is die vaak vol. Je kunt van tevoren reserveren via de website van het museum of via een parkeerapp zoals ParkMobile of Yellowbrick.
Dat scheelt een hoop frustratie. Je rijdt dan de garage in en loopt zo het paleis binnen.
De kosten zijn vergelijkbaar met de straat, maar het is wel makkelijker. Een andere optie is parkeren aan de rand van de stad. Je kunt bijvoorbeeld parkeren bij het Malieveld.
Daar is vaak wel plek. Vanaf daar is het een kleine wandeling naar het paleis.
Of pak de tram. Lijn 1 en 17 stoppen vlakbij.
Een retourtje tram kost ongeveer €4,00. Dat is goedkoper en beter voor het milieu. Heb je een elektrische auto?
Er zijn laadpalen in de buurt. Kijk even op een app zoals Chargemap om te zien waar ze staan.
Meestal zijn ze te vinden in de zijstraten zoals de Korte Voorhout. Let wel op: sommige zijn alleen voor vergunninghouders. Dat is typisch Den Haag. Lees dus even de borden.
Handige tips voor je bezoek
Wil je het maximale uit je bezoek halen? Hier zijn een paar tips die je echt helpen.
Deze zijn gebaseerd op wat locals doen en wat bezoekers vaak vergeten.
- Boek online: Koop je kaartje via de website van Escher in het Paleis. Soms is het online goedkoper. Bovendien ben je verzekerd van een plekje, vooral in het weekend.
- Kijk naar de openingstijden: Het museum is open van dinsdag tot en met zondag. Maandag is het gesloten. Check altijd even de website voor speciale dagen of feestdagen.
- Combineer met de buurt: Het paleis ligt in het Benoordenhout. Na je bezoek kun je een wandeling maken door de statige straten. Of loop naar het Haagse Bos toe. Dat ligt er direct achter.
- Eten in de buurt: Er zijn genoeg leuke cafés in de omgeving. Probeer eens iets aan de Kneuterdijk of de Piet Heinstraat. Dat is iets verder lopen, maar de moeite waard.
- Let op de regels: In Den Haag zijn ze streng met afval. Gooi je afval dus in de prullenbak. En als je met de auto bent, vergeet dan niet te betalen. De parkeercontroleurs zijn er snel bij.
Als je met het openbaar vervoer komt, is het handig om een OV-chipkaart te hebben. Je kunt ook in- en uitchecken met je contactloze bankpas. Dat werkt prima in Den Haag.
Stap uit bij halte Korte Voorhout. Vanaf daar is het nog twee minuten lopen. Een laatste tip: neem de tijd voor een rondleiding langs de kunstcollectie. Het paleis is niet gigantisch, maar er is veel te zien.
De combinatie van de historische kamers en de kunst van Escher is uniek.
Het is geen museum dat je in een halfuurtje doorloopt. Plan minimaal anderhalf uur.
En als het mooi weer is, blijf dan even in de tuin zitten. Het is een van de mooiste plekjes van de stad. Ben je klaar met het paleis?
Dan kun je makkelijk door naar het Binnenhof of het Buitenhof. Die liggen op loopafstand.
Of pak de tram naar Scheveningen als je nog zin hebt in zee en strand. Alles zit dichtbij. Dat is het voordeel van Den Haag. Alles is bereikbaar, als je maar weet waar je moet parkeren en hoe de tram rijdt. Veel plezier!